College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden

Actueel

‘Market freeze’ biocidentoelatingen zo veel mogelijk beperkt

Voor toelatingen in de overgang van Nederlands recht naar de Biocidenverordening heeft het college in de vergadering van 22 juni 2016 het beleid verduidelijkt. Daarbij is gezocht naar de maximale ruimte die wetgeving en Ctgb-werkproces bieden.

Lees hier verder.

Nationaal specifieke elementen biociden

Het college is in de vergadering van 22 juni 2016 akkoord gegaan met de (indeling van) nationaal specifieke elementen voor biociden. Deze omschrijving zal aanvragers meer inzicht bieden in het door het Ctgb gevoerde beoordelingsbeleid voor biociden.

Lees hier verder.

Wet & regelgeving biociden

Of uw aanvraag tot toelating van een biocide beoordeeld gaat worden volgens de Biocidenverordening of volgens het Nederlandse overgangsrecht is afhankelijk van de werkzame stoffen die het biocide bevat. Het juiste toetsingskader kunt u bepalen aan de hand van de beslisboom.

Zie ook status van de werkzame stoffen.

Werkzame stoffen en geldende wetgeving

Alle aanvragen voor toelatingen van biociden op basis van een goedgekeurde werkzame stof (die op de Unielijst van Goedgekeurde Werkzame Stoffen staat) verlopen via ECHA. Voor een aanvraag voor toelating van biociden gebaseerd op een werkzame stof die (nog) niet goedgekeurd is, dient een aanvraag onder het Nederlandse overgangsrecht ingediend te worden bij de betreffende lidstaat, voor Nederland dus bij het Ctgb.

Werkzame stoffen worden in Europees verband beoordeeld op veilig gebruik. Hierbij wordt onder de Biocidenverordening onderscheid gemaakt in 22 producttypen.

Geplaatste werkzame stof

  • Review programma voor een werkzame stof afgerond:
    • Plaatsing op Annex I van Richtlijn 98/8/EG (tot 1 september 2013)
    • Plaatsing op Unielijst van goedgekeurde werkzame stoffen van Verordening 528/2012 (per 1 september 2013)
  • Plaatsing van een werkzame stof gebeurt per PT.
  • Stoffen van Annex I komen automatisch op de Unielijst.

Biocidenverordening (EU) 528/2012

Sinds 1 september 2013 moet een aanvraag voor toelating van een biocide of verlenging van een toelating onder de Biociden Verordening (EU) 528/2012 worden ingediend via de informatiesystemen die ‘Het Agentschap’ (ECHA) ter beschikking stelt.
De aanvraag zelf wordt ingediend via R4BP, het dossier wordt in IUCLID aangemaakt. ECHA is verantwoordelijk voor het ontwikkelen van deze systemen en heeft handleidingen voor het gebruik ervan opgesteld. Alle informatie is beschikbaar via de website van ECHA. Om een toelating of verlenging van een toelating te verkrijgen voor een biocide kunt u kiezen uit de volgende aanvraagtypen:

Nederlands overgangsrecht

Een toelating op basis van Nederlands overgangsrecht is gebaseerd op de Wet Gewasbeschermingsmiddelen en Biociden (Wgb) en alleen geldig in Nederland. Als u uw product ook in andere lidstaten op de markt wilt brengen, dient u in de desbetreffende lidstaat na te gaan wat de regels zijn voor toelating. Voor een aanvraag onder Nederlands overgangsrecht verwijzen we u naar de aanvraagformulieren op onze website. Hier vindt u ook de aanvraagformulieren voor een aanvraag tot wijziging en/of uitbreiding van uw toelating (zolang deze onder het overgangsrecht valt).

Werkzame stoffen en producttypen

Werkzame stoffen worden in Europees verband beoordeeld op veilig gebruik. Hierbij wordt onder de Biocidenverordening onderscheid gemaakt in 22 producttypen. Op de volgende website vindt u alle werkzame stoffen die in dit Europese review programma worden beoordeeld en voor welk producttype ze worden beoordeeld.